De Café Site

Het lijkt zo simpel, een biertje tappen. Voor een optimale kwaliteit zijn deze vuistregels onontbeerlijk.

1) Om de kwaliteit van het tapbier te waarborgen: Laat de bierleidingen minimaal 1x in de 4 weken reinigen door een professionele, gekwalificeerde Tapwachter. Indien nodig, vergeet ook de evenementenleidingen niet.

2) First in – First out (FIFO). De vaten die het eerst zijn afgeleverd kunt u het best ook het eerst gebruiken. Voor de beste kwaliteit, laat een vat minstens 2 x 24 uur rusten na vervoer. Pas daarna is de kwaliteit van het bier en het koolzuurgehalte weer optimaal. Bovendien krijgt het bier dan de gelegenheid om de omgevingstemperatuur aan te nemen.

3) Voordat het vat wordt aangesloten: Controleer eerst de datum. Verwijder pas daarna de plastic dop van het biervat. Maak de koppeling schoon met een borstel en water en plaats deze dan op het vat. Open nu eerst het koolzuurkraantje, waardoor koolzuur in het vat stroomt, dan het bierkraantje op de vatkoppeling.

4) Het is verleidelijk, maar bewaar geen voedingswaren of afval in de bierkelder. Gebruik ‘m uitsluitend voor bier. De mogelijk vrijkomende geuren van bijvoorbeeld voedingswaren of erger nog, afval kunnen de smaak van het bier nadelig beïnvloeden.

5) Voor een optimale glasbehandeling: Zorg ervoor dat de spoelbak schoon is. Dat geldt ook voor de borstels die bovendien niet versleten mogen zijn. Vul de spoelbak met koud water en voeg een gedoseerde hoeveelheid bierglazenreinigingsmiddel toe. Laat via de onderspoelkraan continu vers, koud water in de spoelbak stromen.

6) Voor een mooie schuimkraag: Spoel het bierglas grondig en zorg ervoor dat het helemaal vetvrij is. Bij pils, zorg dat de taptemperatuur goed is (3-5 C.). Tap het glas in 1x vol, laat het schuim overlopen en schuim onder een hoek van 45 graden af.

7) Plaats de afschuimer in het daarvoor bestemde glas met vers, schoon water. Ververs dit water regelmatig. Een rondslingerende afschuimer is vuilgevoelig. De kwaliteit van het volgende glas dat wordt afgeschuimd wordt nadelig beïnvloed.

8) Om de tapdruk goed in te stellen hanteer de volgende vuistregel: Tapdruk = temperatuur van de bieropslagruimte gedeeld door 10 (dus: 20C. = ca. 2 bar). Is het nodig om de druk anders in te stellen, sluit dan altijd eerst het koolzuurkraantje. Bij een goed ingestelde tapdruk is de tapstraal mooi helder en rond.

9) Spoel de bierleidingen na elk vat door met water. Bij voorkeur worden alle leidingen op water gezet na sluitingstijd. Voor het spoelen van de bierleidingen is het noodzakelijk dat er een spoelkop en een wateraansluiting aanwezig zijn bij de aansluitplaats van de biervaten. Vatkoppelingen die niet gebruikt worden, moeten in een emmer met schoon water gereinigd worden om infecties te voorkomen.

10) Een nieuw biertype op dezelfde leiding? Niet zonder een grondige reiniging! Elke soort bier laat specifieke gisten achter in de bierleiding. Voordat een witbier of bokbier op de leiding wordt gezet, eerst moet de bierleiding eerst grondig worden gereinigd door de tapwacht. Alleen doorspoelen van de leiding is niet voldoende!